Kindernevendienst 15 november 2020
Bij 1 Korintiërs 12:12-22 Veel delen, maar één geheel
‘Vangen Jason!’ Marius gooit de bal naar Jason en rent naar de andere kant van het veld. Ze spelen tegen twee buurjongens, Nikos en Justus. Vandaag willen ze winnen! Maar dan ziet Jason in zijn ooghoek ineens zijn kleine zusje Julia aan de rand van het veld. Ze springt heen en weer, houdt haar armen omhoog en roept: ‘Mag ik ook meedoen? Ik kan ook ballen!’ Ze rent naar voren en Jason moet opzij springen om niet tegen haar op te botsen. ‘Julia! Kijk nou uit! Ik liep je bijna omver!’ Boos kijkt hij naar zijn zusje, die teleurgesteld blijft staan. ‘Laat ons maar ballen, oké? Daar ben jij nog te klein voor.’ De lip van Julia begint een beetje te trillen. ‘Ja, maar ik kan ook heel goed vangen hoor, en… en… ik wil zo graag meedoen!’ Verdrietig kijkt Julia naar haar grote broer op, maar nee, Jason en Marius zijn van plan om te winnen en daar kunnen ze zijn zusje nu eenmaal niet bij gebruiken. Julia loopt weer terug naar de rand van het veld. Haar schouders hangen een beetje naar beneden. Ze gaat zitten met haar kin in haar handen. Er komen tranen in haar ogen. Als Jason dat ziet, aarzelt hij even. Maar nee, denkt hij. Ze moeten winnen! Marius komt al naar hem toe lopen. De wedstrijd gaat verder. Nikos en Justus staan nog één punt voor, dus ze moeten nu scoren. Ze spelen door terwijl Julia aan de kant zit toe te kijken. Maar dan gebeurt het. Als Jason de bal naar Marius gooit en Marius opnieuw wil scoren, stormt Nikos op Marius af om de bal te onderscheppen. Hij duikt naar de bal. Marius probeert hem te ontwijken, maar gooit de bal veel te hoog richting het doel. En te scheef. De bal vliegt over een grote stapel brandhout die naast het huis van Jason staat De bal belandt precies in een smalle kier tussen de stapel en het huis van Jason. Jason holt er naartoe. Hij probeert met zijn arm tussen de stapel en het huis te komen en de bal te pakken, maar hij kan er niet bij. Hij reikt nog iets verder, maar nee. Zijn arm is te kort en hij is te groot om in de kier te kruipen. ‘Laat mij eens!’ Marius komt aangehold en wil het ook proberen, maar Marius is nog groter dan Jason en hij past er helemaal niet tussen. En ook Nikos en Justus lukt het niet. Een beetje sip staan de jongens erbij te kijken. ‘Met een stuk hout misschien?’ Jason gaat al op zoek, maar de stukken brandhout die er liggen zijn veel te kort. Dan voelt hij kleine handjes die hem opzij duwen. ‘Ik kan dat wel, ga eens opzij.’ Verbaasd kijkt Jason om. Julia! Met haar smalle lijfje wurmt ze zich in de kier waar de bal klem zit. Steeds verder, tot ze bij de bal kan. Ze trekt en sjort en moet echt haar best doen, want de bal zit heel erg klem. Maar dan… ‘Ja!’ Triomfantelijk wurmt ze zich weer terug, met de bal. Stralend kijkt ze Jason en Marius aan. ‘Hier, jullie bal!’ Ze geeft de bal aan Marius. ‘Julia, wat goed van jou! Zonder jou hadden we die bal er nooit uit gekregen!’ Marius geeft Julia een aai over haar bol. Oei, denkt Jason. Julia mocht van hem niet meedoen, maar zonder haar zouden ze nu niet verder kunnen spelen. ‘Marius! Kom, we gaan naar huis!’ Alle vijf horen ze de vader van Marius roepen. Ze kunnen niet meer verder ballen; Marius moet naar huis. Jason en Marius zwaaien naar Nikos en Justus en lopen samen terug. De vader van Marius staat hen al op te wachten. ‘Ik heb Jason en Marius geholpen de bal te pakken, want ik kon er wel bij!’ Julia rent voor de jongens uit. ‘Echt waar?’, vraagt de vader van Marius, ‘Vertel eens?’ Dan komen ook Jason en Marius erbij staan. Jason schaamt zich een beetje als ze samen het hele verhaal vertellen. Hij vertelt er eerlijk bij dat Julia eerst niet mee mocht doen, maar dat alleen zij de bal uit de kier kreeg. De vader van Marius knikt als hij dat hoort. ‘Weten jullie nog dat er een brief van Paulus was gekomen? Hij schrijft hier ook over, wist je dat?’ De kinderen kijken hem verbaasd aan. ‘Het is net als bij een lichaam, schrijft Paulus. Een lichaam bestaat uit benen, armen, oren, ogen en nog veel meer, maar die horen allemaal bij elkaar. En allemaal zijn ze belangrijk.’ De vader van Marius kijkt hen aan. ‘Met je voeten kun je lopen. Maar stel je voor dat je geen ogen had, dan kun je niet zien waar je loopt. En zonder handen kun je wel lopen, maar geen bal gooien.’ ‘Julia was daarnet onze handen, zonder haar hadden we de bal er niet uit gekregen!’ zegt Marius. ‘Mag ik dan de volgende keer ook met jullie meedoen?’ vraagt ze. ‘Natuurlijk,’ zeggen de jongens tegelijk. ‘Jij hoort er ook bij!
Misschien kun jij dit verhaal wel een beetje navertellen met playmobil, lego, barbiepoppen, l.o.l of met jouw familie? Kun jij daarin ook laten zien dat iedereen belangrijk is? Maak een mooie foto en stuur die naar: knd@pknbroeksterwald.nl en wij zetten hem op fb of op de site.
(voorbeeldje, zie je wel, iedereen is anders:)


